Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ooit eenige literatuur geklommen is."

Hier peinst de lezer even en mijmert na: dèn bereikt het verhaal den hoogsten trap, — let wel, „den hoogsten trap," — waartoe ooit eenige literatuur geklommen is." — Neen, we lachen niet meer om deze foei-leelijke beeldspraak, over deze „klimmende" literatuur. Erger!

Mij klinkt het eenvoudig als een godslastering, hoe iemand, rik het mystiek realisme van Shakespeare's King Lear en Hamlet, na Dante's Divina Commedia in hun romantische pracht en menschelijk-breede symboliek, zóó valsch en verstandelijk ontroerbaar schijnt aangedaan, door zulk 'n middelmatig en buiten èlle schoonheid ademend werk, als dè.t van Madame De Staël.

Ik heb een groot deel van Delphine gelezen, en vooral me op de laatste bladzijden gespitst.

Maar ook in dit brok is niet de geringste stijlgolving, niet de geringste persoonlijk-dramatische visie. Het is alles verstandelijk-vernuftig, hol en valsch van schreeuwrig effekt, als de vóór-speech van een degenslikker.

O! hoe vulgariseeren deze exklamaties Huets oordeel tot in 't merg!

In 1875 geschreven, ni. Balzac, n£ Zola .. . En nel Sophocles, n£ Homerus! N£ Shakespeare's Romeo en nd Dante's Beatrice!

Sluiten