Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uitgelatenheid, arbeid van diepe bezinning en verstommend mijmerschoon.

O! ik bemin Daubigny, hij is de teere kleurdroomer, de dichter van landelijk avond-geheimenis en ik heb Mauve lief in z'n teedre intimiteit en om z'n fijne, rustige levensbezinking en Israëls, om z'n kleurmijmerijen, z'n atmosferische tonaliteit en z'n tragisch schaduwleven. Maar, o! ik moet t zeggen, hoe mat, hoe weinig grootsch, hoe dood en afgemat zelfs is al dit werk, naast de kreten, de zangen, de waanzinskleuren, de vloeken en teisteringen van dezen titan.

Van Gogh was 'n dichterlijke revolutionair. Hij schilderde niet met verf, maar met licht, niet de menschen in geteekende kontouren, maar de trillende lijn van het menschelijke leven kon hij geven op z'n doeken. Het Angelieke van z'n zingende natuur zweeft boven iedere demonische uiting van z'n verschrikkelijke voelingen. Hij is breed en ontzaglijk als Millet; een angstig visionair a s Ed. Poe. Hij voelt de ruimte niet met beperkte zinnen, maar met achter het vindingrijke opdoemende levensbesef voor het oneindige. Als hij ziek is, ziek van hartstochten, van kleurverrukking, dan gaat hij binnenshuis teekeningen van Millet in kleuren overzetten. Hij zal twee slapende menschen op het middagland schilderen, slapend op

Sluiten