Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De eed wordt afgelegd in handen van hoogere of lagere ambtenaren, of van een geheel college, soms in handen van het hoofd van den staat.

Wijze van eedsaflegging.

De eed wordt door ieder afgelegd naar de wijze zijner godsdienstige gezindheid.

Men heft de beide voorste vingers der rechterhand omhoog, onder het uitspreken der woorden: »Zoo waarlijk helpe mij God Almachtig."

De Israëliet doet dit met gedekten hoofde.

Zij die tot het Doopsgezinde kerkgenootschap behooren, kunnen volstaan met het afleggen eener plechtige verklaring of belofte.

Benoeming voor het leven.

De leden van de rechterlijke macht, van de algemeene rekenkamer en de procureur-generaal bij den Hoogen Raad worden voor het leven aangesteld.

De burgemeesters worden aangesteld voor den tijd van zes jaar.

Andere ambtenaren kunnen ten allen tijde worden ontslagen, omdat zij voor onbepaalden tijd worden aangesteld.

Bezoldiging der ambtenaren.

De meeste ambtenaren genieten vaste traktementen en somtijds daarenboven geldelijke voordeelen in evenredigheid van den omvang van het geldelijk beheer dat hun is opgedragen.

Voor sommige hoogere ambtenaren en voor de leden der rechterlijke macht zijn de traktementen door de wet vastgesteld; maar overigens is de bepaling geheel overgelaten aan den koning, die de bezoldigingen der ambtenaren en collegiën bepaalt, voor zoover deze uit 's Rijks kas worden betaald. Alleen gebeurt het eene enkele maal dat de wet het minste bedrag vaststelt (minimum), dat aan den ambtenaar als traktement kan worden toegelegd.

Het komt ook wel voor dat eene benoeming koninklijk is, terwijl toch het salaris ten laste van de gemeente komt, doch door Gedeputeerde Staten der provincie wordt vastgesteld.

De koning benoemt ook den commissaris van politie en bepaalt

Sluiten