Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

"Wiit men. verstaat onder levende en doode strijdkrachten.

Sinds zeer lang verkeert de samenstelling van ons leger in een tijdperk van overgang. Men wenscht voor die samenstelling vaste regelen bij de wet te stellen, hetgeen, hoewel beproefd, tot dusver niet is gelukt.

Die regeling zou dan het leger zelf betreffen, de zoogenaamde levende strijdkrachten.

De doode strijdkrachten zijn, voor zoover betreft de vestingen en verdere versterkingen sinds lang wettelijk geregeld bij de zoogenaamde vestingwet. Het daarbij aangenomen stelsel van verdediging achter bepaald aangewezen liniën, met behulp onder anderen ook van inundatiën of onder water zettingen, is dus niet aan afwisseling onderhevig, maar wordt geregeld naar het aangenomen plan uitgevoerd, tot dat het geheel voltooid zal wezen.

De staat van oorlog en beleg.

Volgens de grondwet kan door de regeering, ter handhaving van de uit- of inwendige veiligheid, elk gedeelte van het grondgebied van het Rijk in staat van oorlog of van beleg verklaard worden.

Het gevolg van zoodanige verklaring is, dat het bestuur uit de handen van de gewone, burgerlijke overheid, in die van het militair gezag overgaat. De grondwettige rechten worden tijdelijk geschorst, de vrijheid der drukpers opgeheven, vereenigingen en vergaderingen verboden enz.

Het onderscheid tusschen staat van oorlog en staat van beleg bestaat vooral hierin, dat de eerste meer op algemeene, de laatste meer op plaatselijke toestanden ziet en ook hierin dat, wanneer de staat van beleg is afgekondigd, de bevoegdheden van de overheid nog grooter zijn dan bij afkondiging van den staat van oorlog.

In onze toestanden is de zaak overigens van weinig of geen practisch belang.

Sluiten