Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Openbare collecten.

De kerkelijke en particuliere instellingen moeten veelal door de openbare liefdadigheid in staat gesteld worden om hare taak behoorlijk te vervullen.

Daarom zijn zij, om de ingezetenen niet te veel overlast aan te doen, beperkt in de vrijheid tot het houden van openbare collecten.

Zulke collecten mogen niets plaats hebben dan na kennisgeving aan het gemeentebestuur; welk bestuur zelfs, behoudens nadere beslissing der hooge regeering, de inzameling er van kan sluiten.

Vrij zijn alleen de collecten in de kerken en die welke, ten behoeve van de instellingen eener kerkelijke gemeente, gehouden worden alleen langs de huizen der lidmaten van het kerkgenootschap.

Burgerlijke armbesturen.

De burgerlijke armbesturen worden benoemd door den raad der gemeente. Zij zijn aan den raad rekenplichtig.

Het komt somtijds voor dat die besturen bepaalde, daartoe afgezonderde fondsen, voor de ondersteuning der armen te hunner beschikking hebben.

Voor zoover dit niet het geval is, komen de uitgaven van het armbestuur eenvoudig als alle andere uitgaven op de gemeentelijke begrooting.

Natuurlijk wordt door de gemeente ook voor een deel voorzien in de uitgaven der gemengde instellingen van weldadigheid.

Belegging

De gelden van de burgerlijke en gemengde instellingen van weldadigheid, die voor belegging vatbaar zijn, moeten belegd worden op een door de wet aangegeven wijze en wanneer het bestuur over de goederen der instelling beschikken wil, is daartoe noodig machtiging van gedeputeerde staten.

De beschikbare gelden mogen niet anders worden belegd dan in inschrijvingen op het grootboek der nationale schuld.

Verzekering

Alle staats- provinciale en gemeentelijke instellingen van wel-

Sluiten