Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

namelijk van de jongen van beesten, welke op zeker stuk land geboren worden, b.v. lammeren.

Bezwaren tegen de tienden.

Ofschoon het vast staat dat het tiendrecht wettig geheven wordt, is het even waar, dat het een bezwaar is voor den landbouw en dit bezwaar in lateren tijd grooter is geworden.

De tienden houden de verbetering van den bezwaarden grond en de verbetering in de cultuur der vruchten zelve tegen.

Alle verbetering kost geld, doch dit geld wordt alleen betaald door den grondeigenaar. De tiendheft'er draagt er niets toe bij. Niettegenstaande dit laatste trekt de tiendheffer meer, hoe meer de grond opbrengt en er is geen wettelijke bepaling, die in eenig geval den tiendheffer kan noodzaken om bij te dragen in de kosten, waardoor hij zelf beter wordt.

Afkoop.

Nadat in 1849 de gelegenheid opengesteld was om de tienden van het Staatsdomein af te koopen en in 1865 die van het kroondomein, kwam in 1872 een wet op de algemeene af koopbaarstelling der tienden.

Deze wet heeft echter weinig gevolg gehad.

Ieder kan sedert de in werking treding dier wet de schuldplichtigheid af koopen tegen voldoening aan den tiendheffer van het twintigvoud der gemiddelde opbrengst gedurende de laatste vijftien jaren.

Men kan echter den tiendheffer niet verplichten om vrijwillig tot regeling der zaak mede te werken, zoodat, in geval van onwil, er niets overschiet dan procedeeren voor de rechtbank, onder aanbieding eener zekere som voor den af koop, die dan door de rechtbank wordt bepaald.

Groot bezwaar ten aanzien der bloktienden-

Er zijn tienden, welke niet op een enkel stuk land, maar op

Sluiten