Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haa — hoe — hoo — hou — hee — hie — hei.

aa — oe — oo — ou — ee — ie — ei.

t— — — — _ _ _

z— — — — — —

m— — — — — —

n— — — — — —

Zelf uitwerken.

Lees:

mijd.

mijd mij.

mijd mijn meid. nijp.

nijp mijn pijp.

15.

mijn tijd. mijn meid.

zijn wijk. wij zijn wijs.

mijn vijg. tijs wijst zijn geit.

mijn kei. kijk mij aan.

zijn geit. kijk, hoe fijn.

wijs tijs die bijt.

mijn meid had pijn.

wijs zijn geit.

pa bijt op de pijp.

hij had zoo'n pijn ju zijn dij.

tijs had de fijt.

fijn was mijn vijg.

wijs zijt gij.

gij zijt mijn meid. ik nijp mijn vijg. zijn tijd was om. wijs zijn kei.

zijn zeis is fijn.

Sluiten