Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoogstens een profijtelijke manier om alle dingen met orde te laten geschieden ; maar kan men het, bij minder vrees voor wanorde, evengoed zonder kerk doen, dan is een toestand zonder kerk ook het eigenlijke ideaal. Een ideaal door de Darbisten en Kwakers reeds openlijk beleden, en in den onkerkelijken zin der zonen van het reveil dezer eeuw op den bodem hunner gedachten liggend. Een zienswijze, waarbij het dan hoort, waarin het dan past, dat de kerk van de Zending afblijve en „de Christenen" dit doen.

Belijdt men daarentegen lo. het diepe wondere mysterie van Gods uitverkiezing; 2o. als instrument ter realiseering van deze uitverkiezing het Verbond; en 3o. als naarbuitentreding van dit Verbond in het zichtbare „de kerk der gedoopten", — dan, natuurlijk, wordt ook dit alles heel^ anders. Dan toch is het: „Predikt het Évangelie aan alle creaturen" als Zendingslast niet zoo maar aan elk belijder, maar zeer bepaaldelijk aan de Apostelen en aan de Apostelen alleen gegeven, en is het: „Onderwijst alle volken, ze doopende in den naam des Vaders' des Zoons en des Heiligen Geestes" niet gezegd tot den eersten den besten Christen, maar tot het apostolaat en in dat apostolaat tot de gemeente. Zij hebben dan heen te gaan en te onderwijzen, die ook tevens doopen kunnen, en overmits nu noch de enkele belijder noch de leeraar op zichzelf een brevet om te doopen heeft, maar alleen de gemeente, de Verbondskring, de kerk, daartoe volmacht bezit, zoo volgt hieruit dat de Zending moet gedreven worden niet door een particulier noch ook door een vereeniging van particulieren, maar door de kerk.

I)it wil natuurlijk niet zeggen, dat daarom al de arbeid van particuliere vereenigingen te veroordeelen zij. Waar de vader en moeder hun plicht tegenover hun kind verwaarloozen, treedt een man, buiten hun bloed, als curator op. Zoo kan dus ook, waar de kerk haar plicht verwaarloost, de particuliere vereeniging tijdelijk in haar plaats treden. Dat doet volstrekt geen kwaad ; heeft alle eeuwen door als regel Gegolden; en is met name ook door onze gereformeerde vaderen uïtdruklijk goedgekeurd en geëerd.

Maar wel is het de vraag: „Hoe beschouwt ge die particuliere vereenigingen? Als de eigenlijk daartoe bestemde corporaties, of wel als tijdelijk hulpmiddel en dus als een te dulden ongeregeldheid?

En voor die vraag staande, dan mag zonder vrees voor tegenspraak geconstateerd: lo. dat verreweg de meeste Zendingsvrienden bijna nooit over die vraag nadachten; 2o. dat ze het drijven van Zending door particuliere vereenigingen aanzien voor iets dat zoo hoort; en 3o.dat ze elk pogen om de Zending kerkelijk te maken, beschouwen als een clericalistisch, eigenlijk ongeoorloofd streven.

En dat nu mag niet.

Om deze drie redenen niet:

Vooreerst: Wie anderen volken het Evangelie zal prediken, moet

Sluiten