Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

taï^ 1<L -vC Jrapg: h°e de kerk zicfl mn deze yewichtige

ZLtrf J/f Een vraa* waaroP on3 volgend artikel het

antnoord geve; nadat we eerst onderzocht hebben wat ten deze het oordeel is der Heilige Schrift.

En dan beginnen we aanstonds met er op te wijzen, dat de heilige apostelen van onzen Heere Jezus Christus er reeds de eerste gemeen^

schei tT™3 ieS( I00rdS' die in haar midden arbeidden, zee; twee waren Cn °Pzettelijk op wezen, dat leer en leer

dftar0?r !,e9tond Seen ver«chil, bogen destijds voor het goddelijk, ongekreukt en onbetwist gezag van de Heilige Schriftuur

Ouden ZLnl ^ ■~d d' L voor de Schriftu" ^

ofÏT»n' fHt in, d,iC dagen reed8' gel'Jk ^ana, de ingeving ontkend .haar ^gendeel omgezet, de waarheid der Schrift betwijfeld, haar kw- Ve.rdacht of ^aar beslissend gezag ontkend zou zijn geworden,

T , hun beliJdenis oratrellt de Heilige Schrift

«aren en de Joden en de apostelen e'n de kerkleden het destijds eens Maar uit den Openbaringsinhoud ontstond nu ook een leer in de erken der apostelen. Dat de waarheid uit de Openbaring moest geput aan .?*■ ledtLr jma!ir met.ieder putte er hetzelfde uit. Dit kwam 1 11 1 a^' zo, f men in eigen woorden weergaf, wat men be-

Dan tnnh Tf "-11 ^ Schrift te hebbei1 °P*evangen.

Dan toch moest het eene stuk met het andere in verband gezet, en

zoo ontstond van lieverlee een samenstel van waarheden, of wil men

een leer die uiteraard, of vervalscht kon zijn óf zuiver.

een lm i! H ap°Stel ons °P dit reeds destijds bestaan van

een leer in Hebr 6 : 1 v.v. waar hij schrijft: „Laat ons dan nalaten het beginsel der leer van Christus, en laat ons tot de volmaaktheid voortvaren , en alsnu als de eerste deelen van de leer van Christus opnoemt: a. het fundament van de bekeering van doode werken; b.

Hpt, ^e°°, 111 ' .c- de leer der doopen; d. de oplegging der hanen; e. de opstanding der dooden; en f. het eeuwig oordeel; terwijl

vnLn gen°Ve^ 6 eer$te zes stukken die in de leer «•» Christus voorop gaan, de vastere spijs der volmaakten wordt gesteld, niet als

trap van hooger geestelijk leven, maar als dieper indringende kennis

en peisoon en het werk van den Messias, zooals die niet uit

HHHcTs u -i en' S,6lijk die uit de symboliek en historie der

Heilige Schriftuur wordt gekend.

fHj(ken zin wordt in 16 : 17 gesproken van het voor-

jf , ■ !'' ' ,W!l.t W'J zou(len noemen: den grondtrek, het beginsel,

Je et grda1htei: de tyPe der leer- Type toeh is het wooïd dai .ln, het Gneksch voor voorbeeld gebruikt is. Van de oudste ge-

/ti f7'611.o\<;:" ze volhardende was in de leer der apostelen" (riana. I , 42). Den apostelen wordt verweten: „Gij hebt met deze

Sluiten