Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verantwoordelijkheid voor. Hij dus alleen mag en moet oordeelen wat nem te doen staat.

Genoeg om aan te toonen, dat de lans van 1'inehas, die den schennigen Israeliet en zijn Midianietische hoer doorstak ten doode, ook tevens eens voor al ten doode toe doorvlijmd heeft alle zelfinbeelding en zeKverbeffine van het alle actie monopoliseerende ambt.

XVI. WEERSTAND.

Oordeelt gijlieden of het recht is voor God ulieden meer te hooren dan God.

Hand. 4 : 19.

J)e ongeestelijke overdrijving, en dientengevolge vervalsching van het ambt, bleek dan op Schriftuurlijk en Christelijk terrein onhoudbaar. Een ieder die een ambt in de kerk van Jezus Christus bekleedt hetzp op aarde, hetzij in den hemel (bijaldien er daar immers ook ambten zijn), is ambtenaar van onzen Souverein, koninklijk ambtsdrager op kerkelijk gebied. Wil men het op de meest eervolle wijze zeg dan wat onze vaderen vaak zeiden: ze zijn een soort ambassadeurs. „Gezanten^ gelijk laulus het noemt, van Christuswege, alsof God door hen bade. hen hooge eeretitel, in dien l.oogen zin zeker alleen op de heilige Apostelen toepasselijk, maar dan toch bij derde van versceliikine ook wel aanwendbaar op de ouderlingen (leerende en regeerende) en ten deele zelfs op diakenen.

Maar ook al nemen we de ambtenaren van Koning Jezus in dien hoogen zin van „vorstelijke ambassadeurs ofte gezanten," dan staat toch tweeerlei vast.

Vooreerst, dat een ambassadeur nooit ingang krijgt, tenzij hij zijn credentiaal vertoone en blijke niet zijn eigen woord over te brengen maar liet woord van zijn souverein. Zoodat ook onder ons een konFnk1J ambtenaar of vorstelijk ambassadeur van Koning Jezus bij niemand in waarde kan of mag zijn, tenzij hij blijke het Woord van Koning Jezus te brengen.

En ten andere, dat een vorst die een gewoon gezant aan een hof heelt, daarmee volstrekt niet afstand gedaan heeft van het recht om een „buitengewoon gezant" te zenden, ter goedmaking van wat ziin gewone ambassadeur bedierf. En dat zoo ook Koning Jezus wel terdege, ingeval zijn gewone ambassadeurs zijn zaken niet behoorlijk uitrichten, buitengewone personen verwekt, die herstellen wat de gewone ambtenaren bedierven.

Sluiten