Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X.

Pietje de kamermeid zat die avond alleen in de keuken, of, beter gezegd, die avond na achten; want haar collega de keukenmeid had haar „uitgangsdag" en verdween dan vrijwel onmiddellijk na de maaltijd; terwijl ze de „vaten", zoo juist van tafel afgenomen, in hun onreine toestand op haar thuiskomst — klokke half elf — liet wachten. Pietje had dus 't rijk alleen, en daarin verheugde zij zich deze keer. Zeker iets ongewoons, want Pietje praatte anders graag, en vond het gewoonlijk „zielig" zoo op haar eentje in het spijzen-laboratorium haar avonduren te slijten.

Ze had iets bizonders die avond, iets heel bizonders, dat haar volle aandacht in beslag nam. En 't was niet alleen iets buitengewoons, 't was ook een bezigheid die tijd en omzichtigheid eischte. Daarvoor moest ze ongestoord minstens een paar uur kalmpjes kunnen neerzitten. Niettemin was 't een aangename bezigheid. Zeker, zeer aangenaam, hoe onwaarschijnlijk

Sluiten