Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't Bezoek viel hem op als ongewoon, hij dacht aan kwade tijding van zijn vriend. Begeerig de reden van haar komst te vernemen, zette hij zich over een gevoel van tegenzin heen. En met zijn gewone hoffelijkheid ontving hij Paula in zijn salon.

Zij zat er toen hij binnenkwam. Zij voelde er zich behagelijk: 't was er zoo recht gezellig en smaakvol: geen wansmaak en overvulling zooals ze bij zooveel anderen — collega's van haar man bijvoorbeeld — waargenomen had. 't Was duidelijk dat hier de salon geen pronkkamer was, waar alleen Zondags en anders bij buitengewone gelegenheden de huisbewoners durven zitten, en waar in de tusschentijd muffigheid en koude ongezelligheid heerschen. Evenals in zijn studeerkamer had Van Thiemen hier een harmonisch gemeubeld, behangen en versierd vertrek ingericht. Hier was alles lila en wit, behalve het mollige tapijt en de gordijnen die havana-kleurig waren. De piano stond dwars, en was eveneens gedrapeerd in die kleuren. Het daarachter gevormde hoekje had een tegen de muur staande hoekbank, lila-en-wit-geverfd hout. Een dergelijke bank, maar grooter, liep links en rechts van de andere hoek aan dezelfde wand; terwijl tegenover den achterkant der piano een zwarte standaard met een fraai wit beeld — een buste — prijkte. Een groote spiegel met witte lijst boven de schoorsteen, waarop een bronzen beeld met uurwerk.

Sluiten