Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik zeg je, laat 'm zijn gang gaan. Als hij 't doet laat je 'm opsluiten."

„Nee, maar in alle ernst: ik ben heusch bang dat hij gek wordt."

„Des te beter!"

„Werkelijk, hij doet zoo vreemd. En hij heeft geen koorts, niets. Die dokter laat ook niets los."

„Och, die doktoren weten er niets van! Maar "

Dolf trok weer zijn wijste gezichtje, „je kunt toch nut van 'm hebben."

„Van wie?"

„Van die huisdokter, 't Is immers Dr. Brakel. Laat die hem observeeren. Wijs jij 'm er 's op, dat je voor Larsen's verstand vreest. Als hij nu toch van jou af wil, moet je 'm vóór zijn: zie dat jij hèm op een fatsoenlijke manier kwijt raakt."

Paula keek peinzend. In haar hart was ze veel ongeruster dan ze wel weten wilde. Ze was bang voor schandaal, en beter zoo'n reden, dan een geruchtmakende vlucht. Wat zouden de menschen praten! Dat een geleerde, een stil in zichzelf gekeerd mensch krankzinnig wordt was nog niet zoo iets onwaarschijnlijks. En toch — die arme Larsen! Ze vond de heele zaak toch ellendig. Ze gaf er wat voor als ze alles ongedaan kon maken, zelfs haar avontuurtjes met dat aardige kereltje, dat zoo grappig naïef deed in zijn verliefdheid. Och, hoe naïef ook, misschien

Sluiten