Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit: later zou alles duidelijk worden, hoe vreemd het haar nu ook leek. Later.... en haar hartje zwol bij de heerlijke gedachte dat vader en zij voortaan steeds bij elkaar zouden wezen, dat er meer innigheid in de omgang tusschen hen zou ontstaan, al was die in hun wederzijdsche gevoelens ook volkomen. En haar kinderfantazie stelde zich die voor als een vermeerdering van leesuurtjes — vader kon zoo heerlijk voorlezen, al liet hij een prinses ook met een bromstem spreken — van lange wandelingen; en ze dacht ook aan de eindelijke verwezenlijking van een oude droom: een flets te krijgen. Moeder fietste zoo vaak, en vader ook wel eens; maar vader vond altijd dat moeder gelijk had, dat zij nog te klein was, omdat 't zoo gevaarlijk was.... Nu vader steeds bij haar zou wezen, verviel immers dat bezwaar. En zij zou vader altijd gezelschap houden, ze zou hem voorlezen, voor hem schrijven ook — ja, ze wilde hem later helpen met zijn werk. Hoe heerlijk, hoe „leuk" en gezellig! En misschien ging ze niet meer naar school: ze hield van leeren, maar op school was 't zoo vervelend. Ze was zoo levendig en bewegelijk, en kreeg telkens „afkeuringen" voor allerlei kleinigheden. He nee, die schooljuffrouwen waren erg vervelend. Wat kon vader anders les geven! Zoo'n geschiedenisles op school was als droog zand, en bij vader —! 't Was net een mooi verhaal in een boek.

Sluiten