Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XVII.

„Wat nu al weer? Binnen!!" riep Larsen, die op een lederen leuningstoel ineengedoken zat, kin op de borst, handen en voeten over elkaar. Hij dacht na. 't Was onaangenaam dat men hem nooit behoorlijk tijd liet om na te denken: iedere keer werd hij gestoord!

De deur ging open. Larsen keek niet op. Met gefronste wenkbrauwen bleef hij vóór zich kijken.

„Goeie morgen, Willem!" zeide de binnentredende vroolijk en hartelijk. „Hoe staat het leven?" Hij ging naar de zittende toe, en klopte hem op de schouder.

„O, ben jij 't ?" Wantrouwig blikten Larsen's

oogen. Dan opeens met veranderde toon, maar nog gemelijk: „Kruyt Albert."

„Zeker, amice, ik kom 's kijken hoe je 't maakt,

net als de vorige keer " Medelijdend keek de

bezoeker de ander aan.

Hij was ongeveer van diens leeftijd, had een glad-

Sluiten