Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Och, ik ben sterk. Nu, ik ben dadelijk na aankomst hier naar mijn huis gegaan. Daar ben ik binnengebroken. Ik woü Didi weghalen zonder dat iemand 't merkte, Paula in de eerste plaats niet. Ik ben over de veranda in mijn tuin geklommen, en zóo 't raam in. Ik wist dat 't van buiten makkelijk open te krijgen was. Toen ik 't kind woü opnemen, werd ik gestoord. Als ze dadelijk gewillig was geweest, had Paula zeker niets gemerkt, ofschoon ze waarschijnlijk al thuis was. Ze was wat laat thuisgekomen anders. Nu, ze stoorde me, en toen heb ik haar geworgd.... als een beest, met mijn eigen handen...

Van Thiemen verschoof even op zijn stoel. Tevergeefs trachtte hij zich te onttrekken aan een opkomende gewaarwording van onbehagelijkheid.

„En," vroeg hij, „je kind?"

„Was in haar kamer. Lag te schreien in haar bed. Dorst zeker niet voor den dag komen, toen ik met haar moeder bezig was in de andere kamer. In Paula's kamer — onze slaapkamer, bedoel ik — die is vlak naast die van Didi. Dat weet je misschien."

Van Thiemen knikte even.

„Didi heeft dus niet gezien wat je deedt?"

hervatte hij na een oogenblik.

„Gezien niet.... ik geloof 't niet ten minste. Wel

gehoord."

Van Thiemen worstelde met zijn gevoel van on-

Sluiten