Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

coulissen, om onzichtbaar te zijn voor 't publiek.

Nu t scherm opgaat wordt 't als wanneer een donkere wolk over de zon is heengedreven, zoo glanzend licht op 't tooneel. Een zwoele lucht waait uit de zaal; gedempt gesuizel, 't ritselen van de bladen der tekstboekjes zweeft aan.

De regisseur loopt op een drafje óm, en jaagt Siegmund naar voren, springt handig uit 't gezicht als deze in eens de wijde deur openwerp; dadelijk snelt hij nu naar Sieglinde toe: »wacht«, — zegt hij, door een reet

van de hut starend »nu ligt hij ram, ram,

ram ... tra ta ta .... vooruit!« ...

En als de deur weer dicht is, en hij door den kier ziet dat 't lóópt, gunt hij zich even den tijd om 't voorhoofd af te vegen, al maar lezend in de partituur; maar dadelijk daarop wringt hij zich weer door al die menschen heen, die haast in de hut tusschen de coulissen staan, de smidsjongens heel vooraan, zoodat de menschen in de zaal zeker hun zwarte neuzen moeten zien; zij staan óp de geleiding van de booglamp, die ze telkens dreigen omver te stooten, wat den man van 't licht een hard: »eraf met je pooten« ontlokt, zóó luid, dat Siegmund, klagend: »een bron, een bron!« — even nieuwsgierig opziet...

Maar de regisseur werkt zich er door; hij kucht, kucht nog eens, knipt met de vingers, steeds volgend de partituur, en roept dan Sieglinde vrij hard toe: »de drinkhoorn; goddank, ze ziet 'ml«

Sluiten