Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»Ik ga m'n boeltje al halen, meneer...«

»Mooi, dan zal ik vragen of mijn zoon Willem daarvoor even wil gaan zitten.«

Nu de kapper even weg is, kan hier mooi 'n pluimpje aan zijn adres worden overteld:

Daags na de kapscéance mocht ik met een deel van de Rotterdamsche Tooneelisten de reis van Tiel naar Rotterdam maken, en in dat gezelschap waren drie van onze meest gevierde, meest bewonderde actrices ...

»Vindt u Charles geen aardigen jongen ?« — vroeg de blondste beschermend.

»En zoo bescheiden!« viel de donkerste dadelijk ,n- — «Heeft ie u verteld wat we tegen 'm zeggen ? — O, Charles, jij mag wel binnenkomen, jij bént geen man... En als het dan soms is: nu Charles, nu moet je je toch even omkeeren, of: zeg, zing er is een romance... dan kijkt hij braaf, strak voor zich uit, en zingt ie tot ie weer mag helpen ... Maar ééns heb ik 'm toch betrapt dat hij in den spiegel naar mij gluurde, terwijl hij mijn kamergenoote aan 't kappen was.. • één keertje ook maar ...«

— »En zoo beleefd ...« — vervolgde de schoone jeune première ... »Dat is wel eens anders, hoor. Bij een Amsterdamsch gezelschap bijvoorbeeld, noemt de

Sluiten