Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Café-Chantant.

Tsjing boem! En traag en zwaar zette het orkest zich in beweging, het koper stug opbonkend in de holle, leege zaal. Ze hadden hun hoeden nog op; de dirigent zwaaide zijn strijkstok, 't gezicht afgewend naar de juffrouw in 't buffet, met wie hij nog in gesprek was; en de dikke bas schreeuwde er hard doorheen den spichtig-langen blauw-gebrilden clarinettist toe, dat hij Anna vanmiddag had zien loopen met een heel deftig jongmensch; ze was rijk in 't pluche gekleed, zag er bepaald weer jong uit, 't goede leven fleurde haar heelemaal weer op. En de trompetter wist op zijn gezwollen wangen, om den neus die in 't geweldig blazen heelemaal werd opgelicht, nog een lach-uitdrukking te brengen. En de eerste kelner, de rechterhand vooruit in de gewoonte van 't bedienen, de linker grabbelend in 't zakje van zijn kort buis, het lange witte voorschoot nog officieus opgeslagen in een punt, leunde moe tegen 't schotje om 't orkest, loom ruziemakend tegen den eersten violist, die hem gisteren

Sluiten