Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4. Genees de wonden van den Staat,

Gelijk een arts,

Die vier en ijzer neemt te baat,

En na veel smarts,

Het krankbed heelt, dat kranken Hem danken;

Dewijl Hij trouw Hen heelen wou Door pijn en bittre dranken.

5. Gij gaaft, naar uw gestrengheid, elk

Een harde proef,

En schonk ons heilzaam dezen kelk

Des druks zoo droef,

En heelde alle ons gebreken; Een teeken Dat, wie U vrucht,')

Uw pijlen vlucht,

Van U niet wordt versteken.

6. Behoed mij dan door uwe hand;

Verhoor mijn bêe,

Opdat ik, hoofd en Heer van 't land!

De vromen mêe Mag troosten en bevrijden,

In lijden En ongeluk,

En nood en druk,

In 't schokken van de tijden.

PAUZE.

7. God heeft door mijnen mond beloofd,

En sprak in 't end:

'k Zal Sichem troosten, als hun hoofd,

En Jakobs tent,

Zal Sukkoth niet vergeten,

Maar meten,

Op mijn besluit,

Hun palen uit,

Tot rust voor d'ingezeten.

>) Vreest (denk bijv. aan godivrucht).

Sluiten