Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PSALM 87.

1. Hoe grondvast staat Jeruzalem Op bergen, Oode toegewijd! Hoe lief zijn Zions poorten Hem

Nog liever dan, in d'ouden tijd, De tenten van 't gezegend heir, Dat herwaart kwam van 't roode meir!

2. O Koninklijke Priesterstad!

O Godsstad! op hoe groot een prijs, Hoe heerelijk wordt gij geschat!

En nog denkt God op rijker wijs Uw vesten uitgeleid te zien,

Door aanwas van uitheemsche liên;

3. Als Memfis aanstappe op den roep

Van uwe faam, en Babiion Gods naam belij, met troep bij troep,

En andre vreemden, die de zon Beschijnt, en Tyrus en Moorjaan Uit ijver zich hier nederslaan.

4. Hoe wil dit klinken, als men zeit,

Dat hier een mensch geboren is, Die zelf den grondsteen heeft geleid

Van deze vesten, en gewis Zoo machtig is en zoo geroemd, Dat ieder hem den hoogsten noemt!')

5. De Heer zal zelf dit wonderw'Yk

Bazuinen en beschrijven door Het volk en d'overheên, die sterk

En overtalrijk, na en voor,

Geboren worden, uur op uur, En wonen binnen uwen muur.

>) Door deze vertaling slaat dit op het geestelijk Jeruzalem, welks grondsteen gelegd werd door Petrus.

Sluiten