Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

inhoud

te zwerven, en eens op 'en nacht komt hij daar juist, als Teda bekoord weer is door Alwins geesten : de runerij is verbroken door het omwaaien van 'en boom en zij drongen daar door heen. Als zij hem vertelt, dat ze naar 't bos wil om te denken aan haar antwoord aan hem, roept hij Donar om haar te redden : nu verneemt Doxar alles nog eens van Geernoot wat Alvvin al rampen gebracht heeft en wat de godspraak vertelt over de verlossing. Hij, Geernoot, was veilig door zijn lied en nu beloven zij saam te strijden en Balder, de zonnegod, wordt door Geernoot om hulp gebeden.

In de volgende nanacht biedt hij daarop, als bruidsbode, Teda aan Alwin aan ; Donar en Teda komen laat, de verbintenis wordt vertraagd en als dit niet langer kan, biedt Geernoot Alwin nog 'en grote huwelikschat aan. Terwijl deze naar zijn aanbod gretig luistert komt de zon en Alwin valt dood neer. Teda ziet terstond haar vroegere dwaasheid in ; de bosfee en -meisjes denken terstond weer aan hun vroeger leven en Geernoot zegt hun dat zij kunnen gaan. Hun mannen komen ook vrij. Nu vraagt de dichter of Teda nu nog niet door zijn liefde vertederd wordt, maar zij, vrijgelaten door haar vader om te doen wat ze wil, vindt deze aarde geen oord voor haar. Zij geeft hem tot beloning een kus, die hem zalig maakt en als zij met haar vader zich verwijderd heeft zingen de bevrijden en Geernoot samen 'en danklied met de belofte voor de toekomst van eenvoud en hoog-houden van het ideaal, van Teda.

Sluiten