Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alwin

Ontrouw was 't jegens u, maar kon ik anders ? Uw macht is groot, maar liefde's almacht groter. Alwin (schamper eerst, dan heftig boos).

Wel ja, dat zijn nu de eersten onder allen En de een is ontrouw aan haar plicht, die weer Aan mij, de derde is vrouw alleen, geen dienares En liegt mij voor, of Alwin 't niet doorzag!

(tol zijn gevolg).

Hoor allen hier, wat vonnis ik hier vel

En hoed u voor de zonden van uw zusters

Kom allen om mij. Hoor, jij die hem los wou maken,

Ik eis gehoorzaamheid aan mijn bevel:

Ik ban je in 't diepste van het bos, de verdre nacht

En als wij weer hier komen, veertien nachten,

Dan blijf jij daar in dikste duisternis

In 't hol, waar alle mans langs komen klimmen

Om jou een zwijg-schim daar voorbij te gaan.

Beproeven wil ik je ; geen woord mag daar

Tot een'ge man je lippen maar ontglippen.

(2e bosmeisje af). Jij, die naar mannen hunkert, die hier liegt En, ontrouw, dienen huichelt, jou verban ik Naar diepste mijnspelonken, waar niet ik In al mijn vorstenmajesteit en pracht Maar vuile, maagre mannen, vaag van oog, Met strepen blank van 't zweet, dat staag afdruppelt

Sluiten