Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eerbied voor de wetenschap, eerbied voor hare Hoogepriesters en banierdragers is de leuze van den schrijver; zijn streven om de eer der wetenschap hoog te houden loopt als een roode draad door zijne brochure.

Dit streven drukt haar den stempel op van eenzijdigheid, waar de schrijver de wetenschap reeds a priori beschouwt als het hoogste, het onaantastbare, waarvoor alles, zelfs het menschelijk gemoed en het geweten zich buigen moet, en hij uit het oog verliest, dat de vrijheid der gedachte, des oordeels en des woords den mensch volgens beschreven en niet beschreven wetten wet gewaarborgd, maar de vrijheid van handelen beperkt is, zooal niet door de wet dan toch door moraal en conventie. 1)

Ook de kerk heeft in haren tijd van vrijheid, recht en noodwendigheid gesproken, toen zij ter redding van het zieleheil hare offers aan foltering en brandstapel overleverde. Maar tegen zulke overschatting en zelfverheerlijking kwam het vrijheidsen rechtsgevoel van de overige menschheid in opstand en de afzonderlijke rechten en misbruiken moesten wijken voor den drang der openbare meening.

Dr. struycken heeft in zijn geschrift „Pro" geheel uit het oog verloren, dat de geneeskunde al evenmin als de philosophie en godsdienst, het recht en de staatswetenschappen tot de exacte behoort; dat het een groot onderscheid is, of de autoriteit zich doet gelden, in technische zaken, waar bepaalde waarheden algemeen erkend zijn en muurvast staan, of in eene wetenschap als de geneeskunde, waar de waarheid nooit met bewijzen kan gestaafd worden.

Dr. E. Schlegel in Tübingen heeft op goede gronden aangetoond, dat de beste geneesheer geen geleerde maar een kunstenaar is, die zijne geschiktheid in de eerste plaats aan intuïtie ontleent.

FELIX ORTT, de schrijver van „Contra" geeft eerst een definitie van hetgeen men onder „vivisectie" heeft te verstaan, bespreekt

1) fatsoen.

Sluiten