Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wij gemeend dat het u, misschien, een vergoeding zijn zou, indien wij verklaarden, dat dit geringe blijk van ons leedgevoel, de erkenning is, de erkenning beduidt van haar groot, van haar buitengewoon groot talent (een krans neerleggend, treedt hij terug).

v. Rijswijk. Ik dank u, dat gij mij hebt toegestaan hier te zijn. In dit blijk van vertrouwen, van genegenheid ook, van u, die haar zoo na geweest zijn, vind ik, zelfs op dit oogenblik, zachtheid en leniging. Ik dank u, dat gij ook hier, ja juist hier mij doet gevoelen, dat ik door haar eenigszins tot de uwen behoor. Het is mij, zoozeer treft mij uwe goedheid, als ontving ik nog van haar een van die prachtige en lieve dingen van gemoed, waarmee haar leven zoo gul is geweest, zoo gul voor mij. Gij laat mij de illusie, gij hernieuwt ze, dat ik soms, 'n enkele maal iets heb kunnen zijn voor haar, nu ik uw smart mag deelen.

Ik heb het u verzocht, dat ik aan haar graf zou mogen spreken, 'k Heb het dringend verzocht, want het moest, het moest. Gij hebt geen beletsel gevonden in mijn jeugd, en misschien hebt gij mij van te voren begrepen. Ik ben u dankbaar, want ik zou geen uitweg hebben gezien.

In den eersten nacht, die gevolgd is op haar dood, ben ik met haar geweest, alleen, zooals

Sluiten