Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dora (zeer zacht). Er zijn geen mannen

geweest Alles ligt nog zoo. — We zijn

alleen, (zij rilt).

Joan (neemt haar tot zich en kust haar op 't voorhoofd). We zijn samen.

Dora. O Joan.

Joan. Ja, kindje, kom hier. (kust haar.) Zie mij aan.

Dora. (haar gezichtje en oogen zijn zeer ontroerd; maar zij schreit niet) O Joan. (zij straalt) Liev...

Joan (legt beide handen op haar schouders, en ziet haar, op dien afstand houdend, aan.) Ja.— Houd, houd van me.

Dora. Is het waar? Is het nu waar? (staat los; gebiedend ondervragend). Welk gezicht

is het?

Joan. (in de verte ziend) Een vast gezicht.— Rondom in 't leven. — Een vast voornemen. — In 't gezicht van een ont-dekt land.

(Scherm).

fin1s.

Sluiten