Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het ook geen verarming maar verrijking der gemoedsreligie, als uit haar behoefte aan vrede met God alle gedachte verwijderd is aan een toorn die verzoend zou moeten worden; als de verlossing, die zij noodig acht, niet meer bestaat in een herstel of een verwerving van de Liefde Gods, maar alleen in vermindering en verwijdering van eigen wantrouwen en eigen miskenning dier Liefde. Zij heeft een belangrijke schrede vooruit gedaan, als zij God niet meer bidt om een Borg, die haar schuld betalen, maar om een trekkende Kracht die 't hart voor Hem winnen en een reinigende Kracht, die 't met Hem eenswillend stemmen kan.

Maar heeft nu misschien die verrijking de gemoedsreligie uitgeheven boven de waardeering van Jezus Christus, die Hem in 't middenpunt zet van 't geloofsleven ? Blijkt nu misschien datzelfde werk Gods, bij zuiverder rekenschap zich geven van zijn ervaringen, niet te moeten worden toegeschreven aan den invloed van Jezus Christus? Moet misschien de trekkende en reinigende kracht, waarnaar de diepste behoeften van 't vroom gemoed uitgaan, komen van iets anders dan van

Sluiten