Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in den triumph van het goede. Sommigen zijner gelijkenissen leeren een natuurlijke evolutie van het Godsrijk, maar vooral in de laatste gedeelten van de Evangeliën is de komst van het Godsrijk meer een apocalyptische gebeurtenis, een wonder van uit den hemel. Die beide opvattingen leven voort in de geschiedenis van het Christendom en vinden hun parallellen in de verwachtingen van het wetenschappelijke en het utopistische Socialisme. Nu eens is het Godsrijk bij Jezus het koninkrijk van Gods onderdanen op aarde, gelukkig onder Zijn regeering, trouw aan Zijn wetten, een wereld, waarin de een niet langer over den ander heerscht maar allen als broeders samenleven. Dan weer is het een bovenaardsche staat, het Hemelrijk, waar men met Abraham en Isaak en Jacob aanzit. Jezus heeft geen scherpe grens getrokken tusschen het diesseitige en het jenseitige, het heden en het hiernamaals. Het eeuwige leven en het aardsche leven zijn bij hem geen tegenstellingen. Ook de aardsche mensch leeft in de eeuwigheid en kan de zaligheid reeds hier verwerven. Hoe dit alles ook zij, Christus geloofde in de toekomst, in de zege van God op den

Sluiten