Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook de magistraten te leeren hoe zij zich gedragen moeten en de zondigen te straffen.

Als de Koningen, Prinsen en andere Magistraten zich zeiven het juk van Christus onderworpen hebben is het den dienaren des Heeren ambtshalve niet alleen geoorloofd maar ook geboden dat zij hen inplanten met wat getrouwheid, zorge en naarstigheid zij Christus den Heere, den Koning der koningen moeten dienen; volgens de spreuk van David »En nu gij koningen laat u onderwijzen en laat u leeren, gij richters op aarde dient den Heere met beven."

W. Teellinck, G. Udemans en anderen, i)

G. Voetius.

»Wanneer de Kerk het woord van den Hemelschen Koning tot den Magistraat brengt, doet hij dit als een bode. Intusschen blijft de Magistraat of hij dit Woord gehoor geeft of niet, Magistraat en behoudt zijne heerschappij al is het dat hij zijne macht misbruikt.

Een landman, of een knaap die als gids is aangenomen, is, in zoover hij den krijgsoverste van het geheele leger den weg wijst, de leidsman van den gebieder.

Op deze wijze is hij in het voorgaan ook de eerste maar dienenderwijze niet als de meerdere zelf, niet als de gelijke van het legerhoofd."

Men mag het politiek beginsel van onze confessie niet van Artt. XXVII—XXIX, alsmede de leer van de kerkelijke ambten, meer bepaald van den dienst van het Woord en in verband hiermede van de openbare uitlegging van dat Woord in Artt. XXX en XXXI, losmaken.

Doet men dit, men loopt groot gevaar in den strik te vallen dien Dr. Kuyper niet ontweek.

Immers, indien de Overheid niet bevoegd of bij machte is uit en naar de Schrift vast te stellen wat zij

1) W. Teellinck „den polityckcn christen."

Instructie voor alle liooge en lage overheidspersonen.

S. Urlemans, Coopmansroer 517 vv.

Sluiten