Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar hij versterkte het volk in den waan dat zij stond in den dienst der vreemde politiek. Het kostte het grootste geduld en de grootste inspanning om den Chineezen duidelijk te maken: „wij zoeken niet het uwe maar u". In 1360 waren er zoo wat 1200 gedoopte volwassene Chineezen; de 3do periode, die van 1860 tot nu voortgaat; geeft een sterke vermeerdering van arbeidskrachten in China te aanschouwen en als gevolg daarvan een grootere toename van het getal bekeerlingen. In 1898 waren in China 1100 zendelingen, die echter niet allen geordend waren, 700 ongehuwde vrouwelijke zendelingen, 125 mannelijke en 60 vrouwelijke gepromoveerde artsen. Het getal der ingeboren Evangelische Christenen steeg tot 100000 avondmaalgangers bij een dubbel getal van gedoopten, voorwaar geen gering resultaat wanneer men de ontzettende bezwaren in aanmerking neemt, waarmee de Zending in China te worstelen heeft: de vreemdelingenhaat, de taal, de vereering der voorvaderen, de naturalistische geestesrichting, de eigengerechtigheid, het conservatisme enz. Over het gehalte dezer Christenen valt over het algemeen niet te klagen. De meesten van hen behooren tot de lagere klassen des volks, maar terecht merkt Warneck op dat dit in de dagen van Jezus en zijn apostelen niet anders was. „De weg der Christianiseering gaat van beneden naar boven, de trotsche Farizeërs komen altoos het laatst aan de beurt".

Wetenschappelijk heeft men voor de kennis van China ook weer ontzaglijk veel aan de zendelingen

Sluiten