Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wie den lijdenden Christus volgen kan, die heeft het gebracht tot den hoogsten graad in het jongerschap. Wie waarlijk roemen kan in „den gekruist en Christus", die heeft den vasten grond gevonden, waarin zijn anker eeuwig hecht.

De Heer geve ons gewijde aandacht bij de aanschouwing van de verschillende' tafereelen des tijdens! Neen, het zinnelijk oog zal hier niets zien wat op ons gevoel werkt, gelijk ik mij kan verbeelden dat voorstellingen als te Oberammergau, met ware piëteit gegeven, werken op het gevoel van den toe schouwer, hij zij geloovig of ongeloovig. Maar mij komt het voor dat toch nog dieper en meer blijvende indruk verkregen wordt, wanneer onze geest zich verheft tot de innerlijke aanschouwing van dat wonderbare treurspel, dat zijns gelijke in de geschiedenis van ons geslacht niet heeft.

Zoo heeft de Heer het toch ook zeker bedoeld, die aan de zijnen alleen het woord der getuigenis gaf om Hem te doen leven in de harten van allen, tot wie zij zouden komen als heilherauten, als brengers van het Evangelie der zaligheid.

Van al de Joden, die op Golgotha de ware voorstelling zagen van het lijden van den levenden Christus, is er misschien niet een of maar een enkele bekeerd; maar de prediking van den Gekruiste door het levende woord heeft vrucht gedragen van boete en bekeering, waarover Gods Engelen zich verblijden konden. Zoo geschiede het ook bij ons! Daartoe smeek ik Gods zegen af ook over dit boek des lijdens.

J. E. S.

Arnhem, Maart 1903.

Sluiten