Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der niet gesproken; want onmiddellijk daarop heeft de Hoogepriester het woord genomen en gezegd: „nu hebben wij verder geen getuigen noodig, gij hebt allen zijn godslastering gehoord; wat dunkt u?" en allen verklaarden: „Hij is des doods schuldig. Het

vonnis is geveld.

Nu lezen wij dat des morgens vroeg de Raad ten tweeden male vergaderde, waarschijnlijk nu in meer voltallige vergadering. Dat kan dus ongeveer te zes ure geweest zijn, als wanneer in April de dag daar aanbreekt. Wat mag men in dien tusschentijd met den Heer gedaan hebben? Het vermoeden ligt voor de hand dat Hij of hier of daar in een der vertrekken bewaakt werd of opgesloten, of toevertrouwd aan de wachters en knechten, die Hem nu op allerlei wijze bespotten en zich met Hem vermaken, zooals wij dat met diepe smart in de Evangeliën lezen.

Toen eindelijk de morgenvergadering gehouden wordt, is ook daar natuurlijk de zaak zeer spoedig beslist. En zoo kan het tegen acht uur in den morgen geweest zijn als de Heer, opnieuw gebonden, van het hoogepriesterlijk paleis gevoerd wordt naar het verblijf van den landvoogd, dat zich op tien minuten afstand ten Noorden van de tempelplaats bevond. De gansche stad is reeds in rep en roer. Het is van mond tot mond gevlogen: Jezus van Nazareth is van nacht gevangen genomen en onze oudsten hebben Hem ter dood veroordeeld. Alles loopt uit. Alles stroomt samen, de stedelingen en de vreemden,

Sluiten