Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelfde oogenblik alles, wat er bij dien Doop geschiedde, weer met kracht opleeft in zijn herinnering. Dat hij het onder den indruk van die herinnering zegt, blijkt duidelijk uit hetgeen op ons tekstvers volgt. aar het is dan ook die herinnering aan den Doop des Heeren, die terstond het woord van den Dooper voor ons in het rechte licht stelt. Zij zegt ons dat wij hier niet slechts voor ons hebben het woord van den menschenkenner Johannes, die weet dat elk, die in onze wereld komt om der waarheid getuigenis te geven en dus om van zonde te overtuigen, hier zijn zal als een lam onder de wolven, - hier van alle kanten besprongen en aangevochten zal worden, hier za hebben te lijden wat Israëls profeten en Godsmannen altoos van hun volk te lijden gehad hadden; maar dat wij hier voor ons hebben het woord van den ziener Johannes, het woord van den laatste der profeten van het Oude Verbond, het woord van den Engel die voor het aangezicht des Heeren uit moest gaan om zijn weg te bereiden, het woord van den man, die sedert dien doop overtuigd was dat de Christus was gekomen. Hoort hem spreken: „ kende Hem niet, maar die mij zond om te doopen met water, die zeide tot mij: „op wien gij den Gees zult zien nederdalen en op Hem blijven, deze is het die met den H. Geest doopt. En ik zag het en getuigde dat deze de Zoon Gods is."

Het woord van den Dooper beteekent dus. ie aar de Christus 1 Maar hij spreekt die gedachte uit in een beeldspraak, die ons bewijst dat Johannes, ver-

Sluiten