Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dit opzicht beroemd zijn. Zij leven bijna uitsluitend van het buitgemaakte wild en de gevangen visch, enkel en alleen, omdat de landbouw in hunne landen weinig opbrengt of zelfs in het geheel niet bekend is. Als zij plantaardig voedsel krijgen kunnen, nemen zij dit even goed als de Roodhuiden, Vuureilanders, Bosjesmannen en Kannibalen der Carabische eilanden, die bij gebrek aan beter voedsel zelfs het vleesch van den homo sapiens niet versmaden ! Ook de voeding der vleeschetende volken is niets anders, dan een uitvloeisel van den nood, hun opgedrongen door de misère van hun land.

Het blijkt dus dat de ethnologische feiten verkeerd zijn weergegeven door de Vegetariërs. Door de ethnologische verhoudingen wat critischer na te gaan, zouden zij opgemerkt hebben, dat er juist uit volgt, hoezeer de voeding van een mensch het produkt is van zijne levens-omstandigheden. De juiste conclusie is lijnrecht tegengesteld aan diegene, die de Vegetariërs uit de ontwikkelingsgeschiedenis getrokken hebben. Het Darwinisme verklaart ons het wezen der voedingswijze bij de verschillende volken : overal is het slechts een gevolg van een in den loop der ontwikkeling aanpassen aan de natuurlijke levensvoorwaarden. Evenals de lichamelijke bouw van den mensch, zijn alle zijne verrichtingen slechts het natuurlijke produkt der uitwendige omstandigheden. Nergens kan hier sprake zijn van doelmatigheid in teleologischen *) zin.

Van een Vegetariër is het begrijpelijk dat hij die volken het gelukkigst acht, welke gebleven zijn bij plantaardige voeding, omdat hij dit voor de natuurlijkste leefwijze houdt. Dat deze volken werkelijk gelukkiger zijn, daarvoor bestaat noch in hunne geschiedenis noch in hunnen tegenwoordigen cultuurtoestand ook maar het kleinste aanknoopingspunt. Het tegendeel is echter waarschijnlijk, want het streven én van den enkelen mensch én van geheele volkstammen, om hun voedsel afwisselender te maken, wijst er zonder twijfel op, dat eenvoud en eentonigheid van

*) De^feologie is de leer der doelmatigheid in de inrichting der wereld.

Sluiten