Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

reeds dat het behouden van het stofwisselings-evenwicht bij vegetarische voeding slechts mogelijk is, wanneer het tekort aan eiwit wordt vergoed door een toevoer van een der andere voedingsbestanddeelen.

Nog duidelijker bleek deze voorwaarde bij het onderzoek der stofwisseling, dat ik zelf 2 jaar geleden heb ingesteld, bij een 37 jarige dame (schrijfster); zij leefde sedert 6 jaar vegetarisch, nadat zij door deze voedingswijze van haar vroegere ziekte meende genezen te zijn. Ze woog slechts 37Vü kilo en was 1.35 M. lang. De voedingswaarde van haar dagelijkschen kost bedroeg 1400 calorieën, d. i. 37.3 cal. per kilo lichaamsgewicht, hoewel 40 calorieën per kilo lichaamsgewicht als het minimum beschouwd wordt voor een niet arbeidend mensch. V o i t' s Vegetariër gebruikte 47.5 calorieën per kilo lichaamsgewicht, die van Rurapf zelfs 55 3. Eiwit nam mijn patiënt slechts 34 gr. tot zich d. i. 0.9 gr. eiwit per kilo lichaamsgewicht. Dat is juist evenveel als bij V o i t en iets minder dan die van R u m p f. Mijn Vegetariër behield bij deze minimale hoeveelheid eiwit niet alleen het stikstof-evenwicht, maar nam in die vijf dagen, toen ze niets at dan grahambrood, appels, pruimen, druiven, dadels en kropsalade met citroensap, nog 11 x/a gram eiwit toe. Wie meer wil weten van dit onderzoek wordt verwezen naar mijn mededeeling in het „Zeitschrift fiir klin. Med." Bd. 43, waar men de

opgenomen, pleegt men uit de hoeveelheid stikstof die het lichaam verlaat (door middel van de urine), te berekenen hoeveel eiwit in het lichaam wordt teruggehouden. Wordt bijv., zooals in dit geval, dagelijks 0,6 gr. stikstof minder uit het lichaam uitgescheiden dan correspondeert met de hoeveelheid die er door middel van eiwit aan is toegevoerd (in dit geval 73 gr.) dan moet het lichaam dagelijks zooveel aan eiwit winnen, als met die 0,6 gr. stikstof correspondeert. Berekent men dit, dan vindt men 3,76 gr. eiwit. — Tot goed begrip van de zaak moet nog worden vermeld, dat de eiwit-lichamen (zoo min als de andere bestanddeelen van ons voedsel) niet in denzelfden vorm het lichaam weder verlaten, doch gesplitst in verschillende andere stoffen wier hoeveelheid het gemakkelijkst uit de hoeveelheid stikstof die ze bevatten, kan worden bepaald. (Vert.)

Sluiten