Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hiermede op de groote menigte weinig indruk zullen maken. „Bloedsporen bevlekken den weg naar het hol van een tijger, de weg naar de woning der menschen moet met bloemen bestrooid zijn, het ware menschen-geluk kan niet met het moorden van dieren samengaan." Zoo redeneert de geestige Gleïzès, in de hem eigene bloemrijke taal. De Vegetariërs ontzeggen den mensch het recht, het dier voor een egoïstisch doel te dooden, ter bevrediging zijner voedingsbehoeften, ter stilling van zijn lusten. De dieren zijn niet geschapen om door de menschen opgegeten te worden. Ter staving van deze meening beroepen zij zich op de Heilige Schrift. Op deze bijbel-Vegetariërs zal ik in een volgend hoofdstuk nog terugkomen, om aan te toonen dat zij ook hier den tekst juist zoo uitleggen, als met hunne doctrinaire opvattingen strookt. Anderen beroepen zich weer op de verplichting van den mensch het zwakkere dier met liefde te behandelen. De mensch kan niets edelers doen, dan te sparen wat aan zijnen willekeur toevertrouwd is. Het dieren-dooden is een gruwel, een misbruik van de overmacht, die den mensch over het dier gegeven is. De bewering gaat in het algemeen niet door, want er zijn genoeg dieren, die in kracht ver opgewassen zijn tegen de mensch en die hem in den strijd om het bestaan meestal niet sparen. Het recht van den sterkste kent nimmer zedelijke overwegingen.

Dieren en planten nemen ook onverbiddelijk wat zij voor hun zelfbehoud behoeven. Wanneer de mensch gebruik maakt van zijne overmacht op zwakkere dieren, is dit slechts een gevolg van de geestelijke meerderheid, die hij zich in den strijd van duizenden jaren verworven heeft. De machtiger lichamelijke bouw is een n a t u u r 1 ij k e aanleg, en wat hij verschaft moet men dus beschouwen als een uitvloeisel van de door de natuur bepaalde redelijkheid. Bovendien zijn ook planten levende wezens, die, als zij aan moeder aarde worden ontrukt, even goed gedood worden, als de dieren door het slachten. Het stroomen van bloed kan toch onmogelijk een zakelijk verschil maken, als we spreken over het zedelijke onrecht dat in het dooden van levende wezens is gelegen. Overigens is het reeds

Sluiten