Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gebied der functioneele zenuwziekten. Dit is bij uitstek de ziekte, waaruit de talrijke kwakzalvers, die in het vegetarische dieet doen, munt trachten te slaan. In de eerste paats de algemeene neurasthenie in al hare wisselende vormen, vooral ook in overgang tot, en in combinatie met de hysterie. Over een diëet bij deze ziekten vindt men in de leerboeken weinig, of er worden onbeduidende voorschriften gegegeven, zonder een bepaald grondbeginsel. Dikwijls wordt een diëet aangeraden, dat lijnrecht tegenover het vegetarische staat. Men meent de zieken sterk te moeten voeden, en vindt hiervoor een flinke portie vleesch bijzonder geschikt. Vele medici geven den voorkeur aan wit vleesch. Ofschoon we van de oorzaken en het wezen der neurasthenie en hysterie tot nu toe nog zeer weinig weten, is het toch wel zoo goed als zeker, dat het geen voedingsstoornissen, vooral geen gevolgen van ondervoeding zijn; komt deze laatste voor, dan is het slechts een secundair verschijnsel. De fout in de voeding, die de neurasthenie zou veroorzaken, wanneer deze factor werkelijk in aanmerking komt, kan geen quantitatieve, op zijn hoogst een qualitatieve zijn. De voedingswijze, vroeger aan zulke neurasthenici voorgeschreven, is meestal eenzijdig overdreven geweest in de richting van overmatig vleesch- en eiwitgebruik. De beperking van dezen overdaad heeft dikwijls reeds een heilzamen invloed. In vergevorderde gevallen geeft het verbieden van het vleescheten meestal de beste resultaten, wanneer er ter zelfder tijd, op andere wijze voor een voldoende hoeveelheid voedsel in verhouding tot het lichaamsgewicht gezorgd wordt. Bekende zenuwartsen uit den ouderen en nieuweren tijd maken daarom rijkelijk gebruik van vegetarische diëetkuren bij neurasthenie en aanverwante ziekten, de vrienden van een zoodanige voedingsleer voor zenuwziekten schijnen toe te nemen.

Ik zelf ben in de gelegenheid geweest rijke ervaringen op te doen op het gebied der nerveuze maag- en darmziekten, die in de groote steden niet alleen onder de rijken en weelderigen, maar ook onder de arme bevolking steeds toenemen.

Sluiten