Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eensdeels vat hij voorstellingen tezamen; hij gaat „synthetisch te werk. Al wat zich tegelijk in zijn gezichtsveld vertoont, een aantal in kleur en plaats verschillende bizonderheden, neemt hij als een geheel bijeen; dan de tafereelen die door de twee oogen afzonderlijk tot hein komen; vervolgens voorstellingen die het gezicht oplevert met die van den tastzin en het gevoel van eigen spierinspanning. Dus voortgaande (de volgorde zijner bewerkingen is hier bijzaak) komt hij tot de constructie van een stelsel van verschijnselen, die zich in een ruimte met lengte, breedte en hoogte (een ruimte van drie afmetingen of dimensiën) verdeeld vertoonen, en in den loop des tijds verplaatst en veranderd worden. Bovendien maakt hij velerhande gedeeltelijke synthesen, zooals van lichamen die onderscheidene verschijnselen tegelijk aanbieden, de hoedanigheden van eenzelfde ding. Dit alles volbrengt hij niet naar willekeur, maar naar aanleiding van de gegevens-zelve, die zich tot sommige synthesen leenen, tot andere niet. lot een ding b. v. wordt teruggebracht datgene wat zich op eenzelfde plaats bijeen blijft vertoonen, en elkaar overal vergezelt te midden van andere verschijnselen, die met betrekking tot die tezamen blijvende van plaats veranderen. Doen zich verschijnselen niet voortdurend voor als in hetzelfde gedeelte der ruimte vereenigd, dan zouden zij ook niet als eigenlijk tot hetzelfde voorwerp behoorende worden opgevat. Wat er nog verder bij het „ding" en zijne hoedanigheden in overweging komt, bespreken wij later. Thans hebben wij enkel hierop te letten, dat het bijeenzijn van verschijnselen niet volstaan kan om ze bijeen te vinden; immers zij moeten daartoe ook in eens, als groep voorgesteld worden. Evenzoo worden twee ot meer opvolgende verschijnselen, waarin wij later samen-

Sluiten