Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het gebied toekomt wat aan liet andere ontzegd moet worden, zoodat de algemeene oordeelen beide onwaar zijn. Daarentegen kan er van zulk een derde geval geene sprake zijn bij contradictoire oordeelen, d.i. dezulke die evenzeer in qualiteit verschillen, doch waarvan het eene algemeen en het andere bizonder is. Van deze kunnen wij vooraf verzekeren, dat het eene waar en het andere onwaar moet zijn. Immers, wordt het algemeene aanvaard, dan is daarmede geweigerd, over welk deel dan ook van het geheele gebied andersom te beslissen. En aanvaardt men het bizondere, dan is daarmede reeds over eenig deel van het gebied in éene richting beslist, en kan over het geheele gebied, waaronder dat deel mede begrepen zou zijn, niet tevens in de andere richting beslist worden. Weigeren wij het algemeene oordeel aan te nemen, dan kan dat enkel zijn omdat wij althans voor een deel van het gebied anders beslissen; en ontkennen wij het bizondere, dan moeten wij van meening zijn, dat een aanvaarde algemeene beslissing van tegengestelden inhoud er geene ruimte voor overlaat.

Ligt ergens „de waarheid in liet midden", dan kan dat enkel wezen tusschen contraire, en niet tusschen contradictoire oordeelen, en zij wordt dan uitgedrukt door een „copulatief" oordeel: „eenig A is B, en eenig (ander) A (de rest van A) is dat niet".

Tusschen beiderlei tegenstelling, contraire en contradictoire, ontstaat verwarring alleen doordat een paar oordeelen niet naar behooren, door definitie van termen en opgave van quantiteit en qualiteit, omschreven is. Verzuim in dezen heeft tot drogredenen geleid, die nu eens gebezigd zijn om onhoudbare theoriën te steunen, dan weder om een blaam te werpen op de vermeende bekrompenheid

Sluiten