Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het inzicht, dat de dogmatische wijze van theoriën te bouwen niet de uitkomsten oplevert waarover allen het eens kunnen worden; en waar men geene andere kent, wordt hetzelfde nu aanstonds beweerd van alle menschelijk onderzoek; de behandeling der wijsbegeerte wordt een skeptische. De eigenlijke taak der wetenschap wordt daarbij als een hopelooze prijsgegeven; doch voor dit besluit althans meent men voldoende redenen aan te wijzen, zoodat in ontkenning aller wijsheid de rechte wijsheid zou gelegen zijn. Dit is reeds daarom onuitvoerbaar, omdat men, door redeneering die men voor geldig houdt, de nietigheid zou moeten aantoonen van voorwaarden waarop de geldigheid van alle redeneering berust; anders gezegd, zich overtuigen dat redelijkerwijze de rede-zelve als onredelijk beschouwd moet worden. Een normale wijsbegeerte kan uit haren aard niet skeptisch zijn in den strengen zin des woords, al neemt zij hier en daar en voorloopig, en volgens de meening van dogmatische denkers overal en voor goed, een skeptische houding aan. Met dat al wordt in skeptische vertoogen menige bijdrage geleverd tot kennis van de wijze waarop beweringen tot stand komen, die men ten onrechte voor onaantastbaar hield, en de aandacht gevestigd op het hypothetische element van ons denken. Daarenboven bewijst het pleidooi tegen de mogelijkheid van alle kennis dezen dienst, dat wij uit zijn eigen voorbeeld de onmogelijkheid verstaan van zekere onderstellingen bij het denken van welken aard ook geheel los te laten, en een nieuwen bodem verkrijgen voor den bouw der drieledige theorie dien de wijsbegeerte zich tot taak stelt.

Het skepticisme was in zooverre nog dogmatisch, als het, betreffende ons denken en zijne verhouding tot een terecht of te onrecht ondersteld zijn, het laatste resultaat

17

Sluiten