Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bestaan, doch komt tenauwernood in aanmerking, omdat daartoe een zeer buitengewone samenloop van oorzaken (als bedrevenheid, gereedschap, inspanning en verwachting van voordeel uit zulk een arbeid) zou worden vereischt, die bij overweging van plaats, tijd en verdere omstandigheden niet te verwachten is. Dit zien wij gereedelijk in, waar onze kennis niet al te onontwikkeld is en wij ons tot de „deskundigen" op eenig gebied mogen rekenen. Het versterkt ons in het vertrouwen op de bevoegdheid van den geest in het algemeen, doch doet ons niet minder de waarde van meerzijdige kennis beseffen ook voor hem die slechts in éene richting zelfstandig onderzoekt. Zoo van chemische en mechanische kundigheden voor den geoloog , die de wording der voor ons toegankelijke aardkorst wil leeren verstaan; van bekendheid met schrijfmateriaal en drukkunst voor den philoloog; van eigen oefening in het teekenen en schilderen of zingen voor den beoordeelaar van kunstwerken. Een al te scherpe afpaling van het vak waarop iemand zich toeleggen wil, doet hem daarbinnen menige vondst ontgaan.

De grootste bezwaren intusschen ontmoeten wij wanneer wij op het spoor trachten te komen van het zijnde, welks vaste eigenschappen en onderlinge betrekkingen eerst de regelmaat in de verschijning geheel begrijpelijk zouden maken. Beroemd is het voorbeeld van de theorie der planetenbeweging. Kepler ') had door de studie der waargenomene schijnbare bewegingen gevonden, dat de planeten zich inderdaad in ellipsen bewegen, waarvan het eene brandpunt in de zon gelegen is, en de wetten dier beweging met wiskundige scherpte geformuleerd. Newton '),

1) 1571—1630.

1642—172 7.

Sluiten