Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

roerlooze cypressen, recht oprijzende, als een stille vlam. Alles wachtte, wachtte op het wonder. En het werd vredig in Paulus' ziel als in een kalme kapel, als het mis-mirakel staat te gebeuren en dra wordt de heilige hostie geheven boven de hoofden der biddend-gebogen schare.

Zóó ging de tijd voorbij, het licht van den dag werd klaarder, tot het dóór was gestraald tot de innigheid van den middag. Paulus was nu teruggegaan naar het witte Regina-paleis, en werktuigelijk deed hij de dingen, die zijn lichaam moest doen, het baden, het kleeden in den deftigen rok, dingen van heel beneden, waar hij zelf onwetend van bleef in de sfeer van zijn droom. Hij voelde enkel, dat ieder oogenblik hem nu zachtkens voortstuwde naar het wonder. In die uiterste spanning van zijn ziel was hij ganschelijk vergeten, wat hij zeggen zou, als hij straks zou neclerknielen in de heilige presentie van prinses Leliane, en herinnerde hij zich niet eens meer, dat hij hier was gekomen, om hare genade af te smeeken voor de verdrukten. Want dit alles was weggezonken in een lagere bewustheid van zijn wezen, waarvan het innigste door alle andere dingen heen, tot den hoogen staat van gedachtelooze adoratie was gestegen. Eindelijk, om twee uur 's middags, kwam Marcelio hem roepen. Hij was in de groote tenue van zijn huzaren-uniform, schitterend van goud, de borst blinkend van ridder-

Sluiten