Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

taamt.... maar het canaille, zie je, het canaille daar ben ik bang voor "

Om zes uur s avonds zou de prinses den volgenden dag aan het Centraalstation zijn. Om vijf uur was het groote stationsplein al zwart van de saamgestroomde menschen. Het overgroote deel daarvan wist absoluut niet, waarom het daar eigenlijk stond. Het was daar gekomen, omdat de anderen daar stonden, en die anderen óók weer, omdat er anderen waren vóór hen. Die ontzaglijke menigte had geen doel, wilde ook geen kwaad, wachtte instinctmatig af, wat er misschien wel gebeuren zou, met een vaag voorgevoel van een naderende catastrophe, die als broeide in de lucht. Een kleine minderheid was grauw, haveloos schorrie-morrie uit de ellendige misère-buurten van het Oostelijk kwartier van Leliënstad, en uit de beruchte „Sloppen der Verlorenen." — Dat volk had werkelijk honger geleden door de stijgende broodprijzen van de laatste dagen, nu zélfs hun half-bedorven afval nog te duur was geworden. Hun gezichten stonden woest en hongerig, als van uitgeteerde roofdieren. Er waren moeders bij met droge, afhangende borsten, waaraan half-verhongerde zuigelingen te vergeefs lafenis zochten. Die uitgestooten paria's hadden niets meer te verliezen, dan hun waardelooze levens van martelende misere. — Met wilde blikken van afgunst

Sluiten