Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wie deze mijne Woorden niet ziet als levende vingers, blank en hartstochtelijk omgrijpend het allermeest geliefde, angstig omklemmend wat meer is dan de Gedachte denken en het Hart voelen kan, die verstaat ze niet. Mijn arme Woorden zijn van mij, de hartstochtelijke handen. Maar bloedende willen zij houden, wat van den mensch niet is."

In deze laatste zinsnede komt trouwens het mystiek karakter van dezen auteur weder meer uit; het mysterie is het onuitsprekelijke, waaraan door het Woord eigenlijk een roof wordt gepleegd; des te minder begrijpen wij het dan evenwel, hoe datzelfde Woord het Eenige Wezenlijke kan genoemd worden.

Na deze inleidende opmerkingen kunnen wij overgaan tot de behandeling van enkele neo-mystieke auteurs, in wie de mystische geest zich het duidelijkst openbaart. Wij vangen daartoe aan met de vermelding van een, wiens mystiek geheel op de lijn ligt der theosophische beweging, welke wij hebben beschreven.

Wij bedoelen Édouard Schuré, dien wij reeds als een aanhanger van de secte der moderne Esseners hebben leeren kennen, en die behalve verschillende andere werken, waaronder »Les grands initiés. Esquisse de 1'histoire secrète des religions," waarin hij Rama, Krishna, Hermes, Mozes, Orpheus,

Sluiten