Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

klank van steramen, roffelden hakken de trap omlaag.

— Daar gaan ze nou! Veel lol in dat weer! grinnikte juffrouw Verhoef, nog met volle mond, terwijl ze de kamer uitging.

Maar dadelijk kwam ze weer haastig door 't gangetje voorbij op zwaarbonkende voeten, om vóór te gaan kijken hoe die fijne dames d'r wel uitzagen en of ze 't lekker vonden buiten.

Verhoef stond toen ook op, lippen afvegend met de rug van zijn hand, tastend naar een sigaar op de schoorsteen, die hij daar expres voor de Zondag had weggelegd. En onderwijl schooierde het kind de tafel rond, likte de koffiekoppen uit, hoofd achterover, kop op de neus, tot zij, rood van inspanning, liplikkend weer opkwam.

— Schei nou toch uit, M'rietje, smerig kind! kwam Verhoefs ruige stem. Hij had haar in de spiegel zien doen en knorde nu zoo maar onverschillig weg, zijn aandacht bij het zoeken naar de sigaar, die zeker verlegd was.

— Och mensch!... laat me met rust! gaf het kind snibbig terug, zonder zich te laten storen, zoekend op de borden met haar tastvingertjes in de afgekloven, wittige hoop

Sluiten