Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Bredée? vraag-zong haar stem. — Nee, die is uit. .. van avond vroeg al uitgegaan. Maar hij zal zoo dadelijk wel thuis komen.

Zij had afgetrokken geantwoord, alsof haar denken niet bij haar woorden was.

Hij zat haar aan te kijken. Haar hand was in de zijne warm, haar gezicht stond ernstig met staar-oogen en gesloten mond. Waarover ze wel denken zou?

Zij wist zelve niet waaraan ze dacht. Het was aan niets bepaalds, meer een grijze loomheid van denken waarin allerlei aspecten van gisteren scherper kleurend opdoken. Zij voelde het leven dof-beslagen, het leven van de gansche dag en dat van de avond en ook dat van gisteren. Misschien was 't van verveling. Ellen¬

dig zoo'n dag dat er niemand kwam! Dan zat ze maar voor 't raam te haken, met het stomme gekakel van die meiden om haar. Als Jan nog maar thuis was geweest, maar die had ook de heele middag uit gemoeten. Hij verveelde zijn eigen ook als 't zoo stil was. En je verdiende nog 's wat als er een paar heertjes kwamen.

Dat had ze waarachtig ook wel weer noodig. Ben was een goeie jongen, een best ventje

Sluiten