Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van haar tegenwoordig bestaan bleef zij de berekenende, ervaren diplomate, terugdringend elke natuurlijke opwelling, berekenend elke daad, elk woord. Alleen aan Johan gaf zij zich zooals zij was, liet hem, wanneer zij samen praatten over lectuur, over dé boeken die hij haar leende — romans van Bourget, Loti, Daudet, yP enz- — in alle vrijheid met het dieplood van zijn vroegtijdig cynisme peilen haar natuur tot den bodem, liet hem uitrafelen ïare gevoelens, wenschen, begeerten, opvattingen, moraliteitsbegrippen, de mate harer ontwikkeling, zonder dat zij zich in het minst hiervan bewust was, zijn vleiende fluisterstem en zijn oogen van adoratie haar machteloos aan hem overleverend als een gehypnotiseerde. En dit te meer wijl zooveel in haar natuur louter instinct was zonder eenige zelfkennis of zelfappreciatie.

omtijds had zij wel eens momenten, waarin zij zich afvroeg waarom hij toch zoolang wachtte met een openlijke verklaring, maar dan suggereerden hoop en illusie haar hiervoor allerlei afdoende redenen. Hij was immers nog student, en dus geheel at liankelijk. Wel zou hij den volgenden zomer zijn doctoraal doen, maar voordat hij gepromoveerd was, kon hij toch niet beslist optreden. Wie weet of hij niet de tegenwerking van zijn vader te duchten had! Het trok meer en meer hare opmerkzaamheid, dat Meryan, onder een of ander voorwendsel, telkens hun lange gesprekken kwam storen. Ook gebeurde het in den laatsten tijd meermalen, dat juist op Zaterdag en Zondag avond, als Johan thuis was, hij inspannend werk had. zoodat hij dan op de meest heusche wijze haar verzocht de piano liever ongeopend

Lt* I3,l6ïï.

Zoo voelde zij langzamerhand iets vijandigs in zich opkomen jegens den man, met wien zij in het eerst bijna gedweept had, ging zij zelfs meer sympathie voelen voor de goedige naïeve Johanna, die zoo heelemaal niets zag en opmerkte en haar dan ook in geen enkel opzicht dwarsboomde.

Inmiddels brak het voorjaar aan, en daarmede een tijd van ernstige studie voor Johan, die nog vóór de groote vacantie wilde promoveeren en dientengevolge weken achtereen te Leiden bleef et waarom hiervan aan Carla mededeelende op een wijze, die haar menig vurig dankgebed ten hemel deed opzenden.

Sluiten