Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

half lachend, half ernstig. „ Maar het is geen sentimentaliteit van me het is alweer mijn egoïsme dat spreekt, anders niet. Als er iets' is wat me in mezelf verveelt, dan is het wel, dat ik eenvoudig geen kans meer zie in den gewonen zin des woords liet te hebben, ofschoon ik het graag zou willen. Ik kan met meer gelooven in de vrouw, of haar hullen in dat poëtisch waas waaraan mijn verbeelding behoefte zou hebben. Ik kan haar alleen begeeren, niet verliefd worden, niet haar idealiseeren. In onze kringen zie ik er honderden om mij heen, en ik bekijk ze met een akelige nuchterheid, die mij zelf hindert. De eene zie ik onbeduidend. behaagziek en ijdel; een andere slechts zoekend naar een liefdesobject in plaats van naar den éénen uit allen; een derde die arm is, hunkerend naar een levenslangen verzorgei; een vierde, haar schoonheid cöteerend als een beurseffect; een vijfde, haar best doende geëngageerd te zijn vóór hare vriendinnen van denzelfden leeftijd, een zesde maar genoeg; ik zou

ie varïeteiten kunnen opsommen tot morgenochtend. En nu beweer ik niet dat zij allemaal tot genoemde categorieën behooren.

Er zijn natuurlijk uitzonderingen ...."

Gelukkig ten minste dat je dit wel wil aannemen! zeide Barthold glimlachend, omdat hij aan zijn eigen Carla dacht. „Maai in hoofdzaak is het nietig, beuzelachtig bestaan van de meisjes uit onze kringen de schuld van alles wat je haar verwijt. /ij moeten hun arrne leege hersens toch met iets voeden!"

Dacht ik het niet.... daar komt de hervormer weer om den hoek gluren! Maar ik ben geen hervormer en constateer alleen feiten. Wat kan het mij schelen of over honderd jaar de viouwen anders zullen wezen dan nu! En anders wil nog niet zeggen beter.... verre vandaar! Je weet hoe ik daarover denk! Inmiddels heb ik niet den moed mijn hoofd te steken in dien collier de force, dien men het huwelijk noemt. En toch is ongetrouwd bliiven en altijd op kamers wonen ook niet alles!"

„Maar als je nu eens dacht aan geluk geven, meer dan aan geluk te ontvangen!" zeide Barthold na een pauze.

„Een echte moralisten-gemeenplaats die je daar debiteert, mijn waarde. In liefde zoo wel als in vriendschap geeft men alleen door te ontvangen en ontvangt men alleen door te geven. ïsiet één man ter wereld, zelfs niet een gevoels-acrobaat als jij, zou gaan trouwen met een vrouw, van wie hij vermoedt weinig of

niets te zullen ontvangen."

Barthold zeide niets. Hij voor zich meende stellig te weten dat

Sluiten