Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

had hij bedaard gezegd. „Maar wat hiervan ook zij, we moeten toch rekening houden met onze bescheiden middelen.

Papa zal ons geen armoe laten lijden, wees daar gerust op. Als hij op een beetje geld zag, zou hij ons niet zoo spoedig heb-

'^En^nogmaals had hij gezwegen, om zichzelf te besparen nog meer dergelijke onkiesche, ruw-practische antwoorden, die zoo scherp krasten over zijn ziel en een voor hem zoo hinderlijk contrast vormden met de uiterlijke distinctie van haar wezen.

Meer en meer, zonder dat hij zich die geleidelijke overgangen zijner gedachten bewust was, ging hij haar nu als een soort van levend enigma beschouwen. Nog altijd was zij een kind in zijn oogen maar een kind. welks vreemde onverwachte gedragingen hem gingen verbijsteren! Hoe eenvoudig en gemakkelijk had hem toegeschenen de taak haar op te voeden, haar ontvankelijk te maken voor al datgene wat zijn eigen levensbeschouwing vormde, en hoe eindeloos ver besefte hij thans verwijderd te zijn van die taak! Hoe ontzenuwd en krachteloos gevoelde hij zich tegenosei dat bekoorlijke, etherische wezen, eleganter dan hij haar nog ooit gezien had in de wazige witheid harer kanten peignoirs, maar dat zoo wreed was in haar zwakheid, in haar totale onwetendheid van wat er van haar gehoopt en verwacht werd.

Inmiddels maakte de hem omringende weelde — een weelde die zelfs comfort en gezelligheid verbande, zijn eigen tehuis steed* hatelijker in zijn oogen. Hij voelde er zich als in gevangen, "kwam er toe reikhalzend terug te verlangen naar zijn vroegere eenvoudige studentenkamers, hoe banaal ook, doch waar hem nooi gekweld had het contrast tusschen het hem omringendeen zijn

^Lieve'moeier," schreef hij naar huis, ,u heeft mij misschien willen verrassen met onze woning zoo fraai 111 te richten, maai het doet mij integendeel verdriet. Mijn afkeer van ff overtollige pronkzieke luxe, dien ik u dezen zomer zoo herhaaldelijk te kennen gaf, hangt samen met mijn geheele zien en begrypen van

het Leven waarover wel eens mondeling nader. Op dat pun

staan Carla en ik helaas nog ver van elkander, maar ik hoop haai eenmaal zoo ver te brengen, dat zij uit eigen beweging uit ons huis zal verwijderen al datgene wat er mij nu hindert en kwelt, omdat de schrille maatschappelijke tegenstellingen in de wereld strijden tegen dat hoogere zedelijkheidsbegrip en schoonheHlsgevoel, dat alom bezig is onder de menschen te ontwaken.

Sluiten