Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Weer wisselden haar ouders een snellen blik met elkaar. Daarop las Denners den brief.

„Juist, precies wat ik dacht. Hij beweert ook, dat ons volk niet die mystisch-religieuse behoeften heeft als de Angel-Saksische rassen. Daar is inderdaad veel van aan. Wij Nederlanders vooral zijn zoo terre a terre mogelijk. Ons koopmansbloed verloochent zich nimmer. Zelfs missen wij dat poëtisch-romantische, dat onze Duitsche naburen karakteriseert en altijd beter is dan onze vleugellamheid op het gebied van het ideale."

„ Maar heeft de Engelsche Arbeidskerk dan niet juist hier een aangewezen taak te vervullen, en te doen uitkomen het idealistische element van de arbeidsbeweging?"

„Jawel, maar even als in Engeland moet de impulsie daartoe van den arbeider-socialist zelf uitgaan, anders blijft het iets kunstmatigs zonder levensvatbaarheid. Men kan wel helpen en voor de idee propaganda maken, maar dat is ook alles."

„ Wat zal het moeielijk zijn den onkundige en onontwikkelde een juist begrip te geven van die nieuwe religie!" merkte mevrouw Denners peinzend aan. „Hoe hem te doen begrijpen, dat zij niet bedoelt het dienen van een Almacht of Maker of Lotsbestuurder buiten ons, maar het dienen van iets in eigen binnenste, het dienen van zijn hoogste zelf door zich te geven aan de menschheid, door niet te kunnen of willen genieten een enkel voorrecht, waarvan drie vierden van onze medemenschen voor altijd verstoken blijven; door de volle ontplooiing van een ieders gaven en een ieders individualiteit even belangrijk te achten als die van zichzelf? Zij moeten leeren inzien, dat die religie is een revolutionneering van den godsdienst der Christenkerken, die de heerlijke schoone leer van den Bergprediker tot een parodie maakt, die berusting leeraart in plaats van opstand, die gegrondvest is op de bevoorrechting der bezitters, en de armen „met een wissel op de eeuwigheid" rustig wil houden."

„Dus, als het van de arbeiders zeiven moet uitgaan, kan ik eigenlijk niets doen?" vroeg Anna met een zekere moedeloosheid.

„Jawel, je kunt veel doen " zeide haar vader; „vooreerst

kan je door sprekende beelden, aan het dagelijksch leven ontleend, den onontwikkelde veel verduidelijken, en vervolgens zou het misschien goed zijn je te wenden tot Baltian Rustin, den man die door de socialistische arbeidersgroepen nog onvoorwaardelijk wordt vertrouwd, omdat hij martelaar is geweest zijner overtui-

Sluiten